Hreflang en meertalige SEO: implementatie zonder fouten
Hreflang vertelt Google welke taal- of landversie van een pagina bij welke zoeker hoort. Implementeer het via link-elementen in de head, een HTTP-header of je XML-sitemap, en kies één methode. Zorg dat elke versie naar alle andere versies verwijst én naar zichzelf, gebruik geldige taal- en landcodes zoals nl-be en en-gb, en voeg x-default toe als vangnet. Verwijs alleen naar indexeerbare, canonieke URL's, anders negeert Google de annotaties.
- Hreflang vertelt Google welke taal- of landversie van een pagina bij welke zoeker hoort.
- Elke versie moet naar alle andere versies én naar zichzelf verwijzen, anders negeert Google de set.
- Gebruik geldige ISO-codes en voeg x-default toe als vangnet voor overige zoekers.
- Kies één implementatiemethode en verwijs alleen naar canonieke, indexeerbare URL's.
Belgische bezoekers landen op je Nederlandse pagina, Duitse zoekers zien de Engelse versie: zonder correcte hreflang stuurt Google mensen naar de verkeerde taalversie en haken ze af. Dit artikel geeft je de complete implementatie: welke methode je kiest, de regels die elke set moet volgen en de controles waarmee je fouten vindt voordat ze verkeer kosten.
Heb je hreflang eigenlijk nodig?
Hreflang lost één specifiek probleem op: meerdere versies van dezelfde pagina die elk voor een ander publiek bedoeld zijn. Je hebt het nodig in drie situaties:
- Zelfde taal, verschillende landen. Een nl-NL en nl-BE versie met andere prijzen, bezorginfo of spelling. Zonder hreflang ziet Google twee vrijwel identieke pagina’s en kiest hij er zelf één, vaak de verkeerde.
- Meerdere talen. Een Nederlandse, Engelse en Duitse versie van dezelfde dienstpagina.
- Eén taal met regionale varianten. Denk aan en-GB en en-US met afwijkende valuta en terminologie.
Je hebt het niet nodig als je site één taal heeft voor één markt, of als elke taalversie volledig unieke content bevat die geen tegenhanger heeft. Twijfelgeval: één Engelse versie voor de hele wereld naast je Nederlandse site. Ook dan loont hreflang, omdat het Google expliciet vertelt welke versie voor wie is en het vangnet x-default de rest opvangt.
Drie manieren om hreflang te implementeren
Google accepteert drie methoden. Kies er één en houd je eraan, gemengde signalen maken debuggen onnodig lastig.
1. Link-elementen in de head
De meest gebruikte methode. Elke pagina bevat de volledige set verwijzingen:
<link rel="alternate" hreflang="nl-nl" href="https://voorbeeld.nl/dienst/" />
<link rel="alternate" hreflang="nl-be" href="https://voorbeeld.be/dienst/" />
<link rel="alternate" hreflang="en" href="https://voorbeeld.com/service/" />
<link rel="alternate" hreflang="x-default" href="https://voorbeeld.com/service/" />2. HTTP-headers
Voor bestanden zonder HTML, zoals PDF’s. De server stuurt de verwijzingen mee in de Link-header.
3. De XML-sitemap
Elke URL in je XML-sitemap krijgt de alternatieve versies als xhtml:link-elementen mee. Grote voordelen: geen extra code in elke pagina, alles op één plek te beheren en te controleren. Voor sites met veel URL’s en talen is dit de meest onderhoudbare keuze.
De regels die elke implementatie moet volgen
Hreflang is alles-of-niets per paginaset. Google negeert annotaties die deze regels breken:
- Retourlinks zijn verplicht. Als pagina A naar B verwijst, moet B ook naar A verwijzen. Eenrichtingsverkeer wordt genegeerd.
- Elke pagina verwijst ook naar zichzelf. De set op de nl-NL pagina bevat dus ook de nl-NL URL.
- Gebruik absolute URL’s inclusief https, nooit relatieve paden.
- Gebruik geldige codes. Taal volgens ISO 639-1, land volgens ISO 3166-1 Alpha 2. Taal alleen mag (nl), taal plus land mag (nl-be), land alleen is ongeldig.
- Verwijs alleen naar canonieke, indexeerbare URL’s. Een hreflang naar een redirect of een pagina met noindex is een dode verwijzing die de hele set kan breken.
Voeg daarnaast altijd een x-default toe: de versie voor zoekers die bij geen enkele taal of regio passen. Meestal is dat je Engelse of internationale pagina, eventueel een taalkeuzepagina.
Hreflang op een WordPress-site
Meertalige WordPress-sites draaien vrijwel altijd op een plugin zoals WPML of Polylang, of op multisite met een koppelplugin. Die genereren hreflang automatisch zodra je vertalingen aan elkaar koppelt. Automatisch betekent alleen niet foutloos. Controleer drie dingen:
- De koppeling zelf. Een vertaling die niet expliciet aan het origineel gekoppeld is, krijgt geen hreflang. Loop je belangrijkste pagina’s na in de broncode.
- De codes die de plugin uitstuurt. Stel per taal in of je op taal (nl) of op taal plus land (nl-nl) richt, en houd dat consequent over de hele site.
- Onvolledige vertalingen. Pagina’s die alleen in één taal bestaan horen geen verwijzing naar een niet-bestaande tegenhanger te krijgen. En vertaalde pagina’s die nergens in menu of tekst gelinkt worden, eindigen als verweesde pagina’s die Google zelden crawlt, waardoor de retourlink lang onopgemerkt ontbreekt.
Kies daarnaast een heldere URL-structuur per taal, zoals submappen (/nl/, /en/) of aparte domeinen, en wissel daar niet tussendoor van.
Veelgemaakte fouten en hun fix
- Verzonnen landcodes. en-UK bestaat niet, het Verenigd Koninkrijk is GB. Fix: check elke code tegen ISO 639-1 en ISO 3166-1 Alpha 2.
- Ontbrekende retourlinks. De Nederlandse pagina verwijst naar de Duitse, maar andersom niet. Fix: genereer de sets centraal, bijvoorbeeld via de sitemap, zodat ze altijd symmetrisch zijn.
- Hreflang naar geredirecte of genoindexte URL’s. Na een migratie wijzen sets vaak nog naar oude URL’s. Fix: werk hreflang bij in dezelfde sprint als elke URL-wijziging.
- Hreflang naar niet-canonieke varianten. De set verwijst naar een parameter-URL terwijl de canonical elders wijst. Fix: laat hreflang en canonical altijd naar exact dezelfde URL wijzen.
- Methoden mixen. Head-tags zeggen iets anders dan de sitemap. Fix: kies één methode en verwijder de andere volledig.
- x-default vergeten. Zoekers buiten je doelmarkten krijgen dan een willekeurige versie. Fix: wijs één internationale standaardversie aan.
Testen en blijven controleren
Een hreflang-implementatie test je in drie stappen:
- Steekproef in de broncode. Open per taal twee of drie representatieve pagina’s en controleer of de volledige set aanwezig is, inclusief zelfverwijzing en x-default.
- Volledige crawl. Een crawltool die retourlinks valideert vindt de gaten die een steekproef mist, juist op diepere pagina’s en oudere content.
- Monitor het effect per land. Kijk in je positiedata of het juiste domein of pad rankt in het juiste land. Verschijnt de .nl-versie structureel in Belgische resultaten, dan is er ergens een gat in de set.
Hreflang-fouten vind je niet met het blote oog: één ontbrekende retourlink op honderden pagina’s valt in geen enkele broncode-check op. Dit is bij uitstek werk om aan software over te laten. De technische scan van ViRank valideert je hreflang-sets per pagina, spoort verwijzingen naar geredirecte of uitgesloten URL’s op en sorteert alle bevindingen op de omzetkans die ermee gemoeid is. Herstel voer je pas door na jouw akkoord, rechtstreeks in WordPress, met de mogelijkheid alles terug te zetten. Zien hoe dat op jouw meertalige site werkt? Plan een demo van 15 minuten, of probeer ViRank 14 dagen gratis zonder creditcard.
